Specialist in hardhout
voor de buitenruimte

Basralocus hout, donker bruin van kleur, geschikt voor oa vloeren en gevels.

Basralocus

Basralocus

Duurzaamheid
Klasse 2v, de eigenschappen van deze soort zijn variabel.
Sterkteklasse
Basralocus kwaliteitsklasse Categorie 3/Tropisch/NEN 5493 is ingedeeld in sterkteklasse D18 (NEN-EN 338)
Toepassingen

Constructies en dekken in de waterbouw, gevelbetimmeringen, binnenbetimmeringen, parketvloeren.

Volumieke massa
Vers 1000-1150 kg/m3. Bij 12% vochtgehalte 750-850 kg/m3.
Kleur
Midden tot donker bruin
Bijzonderheden
Door de combinatie van inhoudsstoffen en de aanwezigheid van microscopisch kleine kiezellichaampjes in het hout (0,5-2,5%) is basralocus gewoonlijk (afhankelijk van het kiezelgehalte dat echter meestal hoog genoeg is) bestand tegen paalwormaantasting in een gematigd klimaat. In de waterbouw, vooral in zeewater, wordt hiervan dankbaar gebruik gemaakt. Basralocus is ook bestand tegen aantasting door zuren.
Draad
Recht, meestal kruisdraad of warrige draad
Nerf
Fijn tot matig grof
Werken
Groot
Drogen
Langzaam. Kan zonder veel moeilijkheden zowel aan de lucht als versneld worden gedroogd. Dit moet echter met zorg en niet te vlug gebeuren. Bij te snelle droging kunnen scheuren en korstverharding optreden. Eenmaal droog neemt basralocus zeer langzaam weer vocht op.
Hardheid
Langsvlak 8400 N
Bewerkbaarheid
Vers hout is, mede doordat de kiezelverbindingen nog week zijn, gemakkelijker te bewerken dan droog hout dat glasharde kiezelkorrels bevat. Bij de bewerking van droog hout heeft het kiezelgehalte vanzelfsprekend een minder prettig effect omdat het gereedschap snel bot wordt. Hardstalen gereedschap wordt dan ook aanbevolen. Bij de verwerking kan vrijkomend houtstof bij daarvoor gevoelige personen ziekteverschijnselen veroorzaken, zodat goede afzuiging noodzakelijk is.
Spijkeren/schroeven
Matig. Voorboren aanbevolen in verband met splijten.
Oppervlakafwerking
Goed
Botanische naam
Dicorynia guianensis
Groeigebied
Suriname, Frans Guyana, Brazilië
Andere namen
Guyana teak, Basterd locus (Suriname), angélique (Frans Guyana), angelica do para (Brazilië)
Achtergrondinformatie
Het kernhout is goud-, roest- of purperbruin van kleur met meestal een bruinrode gloed. Het steekt duidelijk af tegen het 30-60 mm brede spint dat in verse toestand lichtgrijs van kleur is en na blootstelling aan het daglicht licht roodbruin van kleur wordt. Vooral op het kwartierse vlak vertoont het hout vaak een streeptekening, terwijl op het dosse gezaagde hout meestal een vrij duidelijke vlamtekening zichtbaar is die door parenchymbandjes wordt veroorzaakt. Glad geschaafd en eventueel geschuurd, heeft basralocus van nature een vrij hoge glans. Etagebouw van de stralen op het tangentiale vlak is vaak duidelijk waarneembaar. Het kernhout is zeer duurzaam en is dan ook zeer goed tegen schimmel- en insectenaantasting bestand.
Kwaliteitseisen
Kwaliteitsrichtlijnen voor beslagen palen van tropisch hout staan genoemd in de Nederlandse praktijkrichtlijn NPR5493:1999, Kwaliteitsrichtlijnen voor loofhout in waterbouwkundige werken.
Familie
Leguminosae (Caesalpiniaceae)